Ik heb m’n knie geblesseerd

20 februari 2014

Dus ik belde de huisarts. Voor ik het wist raakte ik verstrikt in een vreselijke leugen.

‘Hallo, met Bram de Wijs, ik heb last van m’n knie. Hij is een beetje dik en ik kan ‘m niet meer goed buigen of strekken.’
– ‘Ah. En hoe komt dat?’
‘Nou, dat weet ik eigenlijk niet. Ik heb wel een stuk gerend vorige week.’
– ‘Ren je veel?’
‘Niet bepaald.’
– ‘Misschien heb je een runners knee.’
‘Een wat?’
– ‘Runners knee, van het rennen. Ik ren zelf ook en dan overbelast ik ‘m soms.’
‘Oh, maar denk niet…’
– ‘Goeie schoenen zijn heel belangrijk, maar je moet het ook rustig opbouwen.’
‘Jaja.’
– ‘Ik vrees dat je voorlopig even rust moet houden. Hoe lekker rennen ook is.’
‘Nou.’

De assistente dacht dat ik een soort sportieve uitbarsting had gehad en ik liet haar maar even in de waan. De waarheid is dat ik ooit m’n knieschijf heb verdraaid na een ongelukkige stap van het drumpodium, en ondanks maanden gips en fysiotherapie is ‘ie nooit meer helemaal de oude geworden. Rennen voor de lol doe ik dus absoluut niet. Toen ik eenmaal tegenover de huisarts zat, durfde ik dat wel op te biechten. Rust houden hoeft niet, alleen zoveel mogelijk als een bejaarde met m’n been omhoog zitten. Balen.